Wanneer wel of geen cameratoezicht in openbare ruimte wordt vastgelegd
In dit artikel:
Het college van Hattem heeft een formeel beleidskader opgesteld voor cameratoezicht in de openbare ruimte, als reactie op een stijgende vraag naar camera’s om veiligheid en het veiligheidsgevoel te versterken. Tot nu toe werden beslissingen ad hoc genomen; het nieuwe kader moet zorgen voor een heldere, consistente werkwijze. Het beleid geldt alleen voor publiek cameratoezicht ter handhaving van de openbare orde; particuliere camera’s van bedrijven of winkels vallen buiten dit kader en krijgen een apart protocol.
De burgemeester krijgt de bevoegdheid om inzet van camera’s te besluiten, na een zorgvuldige afweging tussen veiligheid en privacy. Volgens de Gemeentewet mag cameratoezicht uitsluitend op openbare locaties plaatsvinden en moet vooraf worden aangekondigd waar en hoe lang camera’s actief zijn. Toezicht mag niet permanent zijn: de noodzaak wordt regelmatig herzien en een inzet wordt ingetrokken zodra die niet meer gerechtvaardigd is.
Voor plaatsing moet er aantoonbare aanleiding zijn, bijvoorbeeld terugkerende overlast of onveiligheid onderbouwd met politiegegevens en bestuurlijke rapportages. Cameratoezicht is een aanvullend middel dat alleen ingezet mag worden als minder ingrijpende maatregelen onvoldoende hebben gewerkt. De politie voert het toezicht uit; beelden mogen 28 dagen bewaard worden en kunnen bij concrete aanwijzingen voor opsporing gebruikt worden.
Het voorstel wordt eerst besproken in de commissie Samenleving & Bestuur op 24 augustus en daarna in de gemeenteraadsvergadering op 7 september.
Vandaag Inside Oranje: Is Merel Ek bang dat Vandaag Inside schadelijk is voor haar carrière?